VTO

 


 

Staat ook in:
Help een hoogbegaafd kind -  De Zorgsector

Deze tekst is ontleend aan een brochure over VTO van de Stichting VTO-ondersteuning Nederland. De brochure is geschreven door Pieter Beerens, e.a. en op te vragen bij de stichting.

Vroegtijdige onderkenning
Iedere ouder of opvoeder heeft wel eens vragen, twijfels of zorgen over de ontwikkeling van een kind. Ouders van kinderen, die direct na de geboorte veel hebben meegemaakt, zijn vaak extra ongerust over de ontwikkeling van hun kind. Veel van deze vragen kunnen worden opgelost in gesprekken met andere ouders, of met een medewerk(st)er van het consultatiebureau, met de huisarts, leidster van de kinderopvang of een leerkracht.

Maar soms blijven deze vragen, twijfels of zorgen bestaan of vinden ouders er geen gehoor voor. Dan kan gewezen worden op het bestaan van een VTO-team, waarmee ouders rechtstreeks contact kunnen opnemen. Zo’n team is er in de eerste plaats om een antwoord te vinden op de vragen, twijfels en zorgen over een individueel kind, voor zover de reguliere zorg daarvoor (nog) geen oplossing heeft.

Een VTO-team bestaat uit hulpverleners uit allerlei sectoren van de reguliere zorgverlening (bel voor info over een VTO-team bij u in de buurt het secretariaat).

Vroegtijdige onderkenning van ontwikkelingsstoornissen bij jonge kinderen
Vroegtijdige onderkenning richt zich op alle kinderen tussen nul en zeven jaar die zich niet goed ontwikkelen of niet goed dreigen te ontwikkelen Het gaat daarbij om het kind als geheel: hoe functioneert het lichamelijk, psychisch en sociaal? Vroege herkenning van een ontwikkelingsstoornis is belangrijk omdat er, als de juiste hulp wordt gegeven er over het algemeen minder bijkomende stoornissen zijn. In de praktijk moet zo(dreigende) ontwikkelingsstoornis eerst worden opgemerkt, worden onderkend, vervolgens ’n kan een diagnose worden gesteld en dan kan worden overgegaan te behandeling. Het moet deel uitmaken van de gewone, reguliere zorg.

Wanneer nog niet duidelijk is of er sprake is van een ontwikkelingsstoornis, moet vanuit verschillende gezichtshoeken worden samengewerkt, dus in teamverband. De grote deskundigheid die ouders hebben over de ontwikkeling van hun kind verdient daarbij beslist alle aandacht.

Als ouders op tijd de juiste en begrijpelijke informatie krijgen kunnen ze, eventueel samen met anderen, beslissingen nemen over de meest adequate hulpverlening en begeleiding van hun kind en hun gezin. Zo kan voorkomen worden dat de problemen steeds groter worden.

Uitgangspunten
De ontwikkeling van een kind is niet alleen afhankelijk van zijn of haar aanleg, maar ook van de invloeden uit de omgeving waarin het opgroeit. Bij vroegtijdige onderkenning van ontwikkelingsstoornissen wordt daarom niet alleen uitgegaan van het kind zelf. Ook de leefomgeving speelt een rol.

Van een ontwikkelingsstoornis is sprake bij ‘een duidelijke afwijking van de gebruikelijke ontwikkeling, die als storend wordt ervaren door de ouders, het kind of beiden’.

Vroegtijdig betekent: niet te laat, maar ook niet te vroeg. Het is belangrijk dat er snel gereageerd wordt op de eerste signalen die doen vermoeden dat de ontwikkeling van een jong kind bedreigd wordt. Ouders horen antwoord te krijgen op hun vragen. Tegelijkertijd moet worden voorkomen dat een kind te snel een etiket krijgt opgeplakt, waardoor het afwijkende, de stoornis, op de voorgrond treedt. In het zoeken naar oplossingen is het juist belangrijk om uit te gaan van wat het kind wèl kan!

De stichting geeft niet alleen de VTO-Nieuwsbrief uit, maar ook praktische handleidingen met betrekking tot het proces van vroege onderkenning: de VTO-Cahiers.